Hoe Christus ons kust

Drieluik over De Broers Karamazov van de Russische schrijver Dostojevski, met essay van Willem Jan Otten.

Een van de bekendste hoofdstukken van de Russische auteur Dostojevski is de Grootinquisiteur uit het boek De broers Karamazov. Christus komt terug op aarde maar wordt opnieuw opgepakt. Nu door de farizeeërs en wetgeleerden van die tijd: de katholieken. Mij trof de houding van Christus tegenover de Kardinaal: ondanks het razen van de geestelijke blijft Jezus hem bewogen aankijken. Christus zwijgt (net als de vorige keer toen hij beschuldigd werd) maar staat nu aan het eind op, drukt een kus op de ‘bloedeloze mond’ van de grootinquisiteur, en gaat.

Die bewogenheid van God blijkt door het hele boek. Want de familie Karamazov is van een bijzonder kaliber. Grote feesten, drank, vrouwen, hoogmoed, niets menselijks is hen vreemd. Sterker: zij voeren het door tot in de uitersten. Elke broer op zijn eigen manier. En alleen al de situaties die dan ontstaan, maken het boek de moeite waard. Alleen de jongste broer Aljosja beweegt zich temidden van hen voort als een christus-figuur. Altijd bereid om naar zijn broers en vader te luisteren en hen de mogelijkheid te geven over zichzelf te praten en zo de kans te geven met zichzelf in het reine te komen.

De familie bestaat uit de vader en vier broers. De grote rode draad door het boek is de vraag: wie heeft de vader vermoord? Maar buiten die draad gebeurt heel veel zoals bijvoorbeeld het inspirerende levensverhaal van de oude starets Zosima (monnik). De gebeurtenissen bewegen zich langs de thema’s van religie tegenover atheïsme, recht (wanneer ben je schuldig aan een misdaad?) en de verhouding tussen geloof en verstand.

Het gedicht van de Grootinquisiteur komt van Ivan, de tweede broer. Hij gelooft niet in God. Of eigenlijk gelooft hij er wel in, maar wil hij niets met Hem te maken hebben. Een God die onschuldige kinderen laat lijden, daar geeft hij graag zijn toegangskaartje aan terug. Het bijzondere is dat het gedicht van een anti-Godpersoon Christus juist dichterbij brengt. Zelfs Aljosja roept uit na het gedicht: ‘Maar dat is een lofzang op Christus!’

In het gedicht vindt de kardinaal dat Christus de mensen teveel vrijheid geeft. Dat komt omdat Christus graag wil dat de mensen juist vanwége Hem voor Hem kiezen. Daarom weigerde hij bijvoorbeeld de stenen in brood te veranderen toen hij beproefd werd in de woestijn. Niet om het brood, maar om Jezus zelf moeten mensen geloven. Maar de kardinaal is al bezig om die fout van God recht te zetten. Hij onderwerpt de mensen opnieuw door regels te stellen (moraal). Als mensen zich daar aan houden, is hun geweten gesust en kunnen ze met een gerust hart hun eigen leventje verder leven. ‘Dus waarom’, zo vraagt de kardinaal aan Christus, ‘komt u ons voor de voeten lopen?’

De kussende reactie van Christus daarop raakte niet alleen mij. PKN-dominee Peter Schormans ging door de roman weer in God geloven. Daarover in deel 2.

F.M. Dostojevski, De Broers Karamazov, G.A. van Oorschot, ISBN: 9789028242463

Lees ook het essay van Willem Jan Otten over Dostojevski en de kus (met toestemming overgenomen)

relaxedradicaal
relaxedradicaal Heiligen Leest een boek Reageer
 

Reageer

*